TOS of ASS

Taalontwikkelingsstoornis of Autisme Spectrum Stoornis

Mijn zoon heeft een taalontwikkelingsstoornis en met grote regelmaat krijg ik de vraag of mijn zoon geen ASS heeft. Deze vraag wordt mij gesteld door leerkrachten, door jeugdzorgprofessionals of gewoon door andere ouders.

TOS en gedrag

Toen onze zoon net twee jaar was werd bij hem de diagnose TOS gesteld. Naast dat het heel vervelend was dat hij niet sprak was voor ons vooral zijn gedrag heel erg moeilijk. Hij gilde voortdurend, overdag en ’s nachts en zijn frustratie over het niet duidelijk kunnen maken van zijn bedoelingen uitte hij met schoppen, bijten en slaan.

Door de TOS professionals werd ons keer op keer verzekerd dat zijn gedrag vanzelf zou verbeteren als hij zou leren praten. Daar zetten wij ons dan ook vol voor in. Wij volgden ouder- en gebarencursussen, kregen begeleiding thuis om zijn gedrag beter te kunnen begrijpen en sturen en onze zoon ging naar Cluster 2 onderwijs.

Toen onze zoon zo rond zijn vijfde jaar eindelijk begon met praten waren wij uitgeput en vol verwachting om hetgeen ons beloofd was te ontvangen, namelijk verbetering in zijn gedrag. Helaas  was deze verbetering minimaal en lieten wij hem onderzoeken op ASS en ADHD. De uitslag van het onderzoek was hoopgevend en teleurstellend tegelijkertijd. Onze zoon had geen ASS en enige kenmerken van ADHD maar niet genoeg om dit vast te stellen. Hij had een sociaal emotionele ontwikkelingsachterstand als gevolg van zijn TOS.

TOS of ASS

Om het verschil tussen TOS en ASS duidelijk te maken geef ik altijd het volgende voorbeeld;

In de brugklas had mijn zoon opeens weer heftige buikpijn en slaapproblemen. Na doorvragen over de oorzaak vertelde hij dat hij geen Sinterklaas wilde vieren op school. Nu was mijn zoon zijn hele leven al bang van Sinterklaas, maar wij hadden het idee dat hij daar, met zijn 12 jaar, toch wel eens overheen zou zijn. Ik vertelde hem nogmaals het verhaal van Sinterklaas, maar dat hielp niets. De buikpijn bleef en werd steeds erger.

Hij wilde geen surprise maken en hij wilde geen gedicht maken. Ik maakte dus een surprise en nam contact op met zijn mentor. Deze pakte het probleem goed op en ging met mijn zoon zitten om met hem het hele verloop van het Sinterklaas feest door te nemen. Een ASS aanpak, verduidelijking van wie, wat, waar, wanneer en hoe.

Het hielp niets, de buikpijn werd erger en hij bleef niet naar school willen. Ten einde raad seinde ik onze ambulant begeleidster in en de dag voor Sinterklaas kon zij gelukkig tijd vrijmaken om met hem te praten. Na lang uitleggen, uittekenen en doorvragen kwamen we tot de kern van het probleem.

Er waren lootjes getrokken in de klas en de kinderen moesten een surprise maken en mochten daar ook een gedicht bij schrijven en daar zat nou net het venijn. Mijn zoon wist dat hij door zijn TOS grapjes niet begreep en een gedicht bevat meestal een grap. Hij was bang dat de hele klas zou lachen en hij niet zou begrijpen waar ze zo’n lol over hadden. Hij was bang zich buitengesloten te voelen.

Dit voorbeeld laat zien hoe een TOS leidt tot sociaal problemen en psychosomatische klachten en waarom mijn zoon geen ASS heeft maar een TOS, waarom hij als een kind met een TOS behandeld moet worden en niet als een kind met ASS.

Mijn ervaringen horen?

Wilt u meer weten over een TOS en over de gevolgen van een TOS op de sociaal emotionele ontwikkeling. Kijk op mijn website www.heleengorter.nl voor informatie over mijn lezingen en mijn boek ‘Vechten voor mijn kind met een TOS’ en vul het contactformulier in dan kijken we samen hoe ik bij u en in uw organisatie meer kennis over TOS kan brengen.